Wat houdt dit project in?

Depressie is een groot probleem in de Volksgezondheid. Depressieve symptomen in de vroege puberteit voorspellen vaak een depressie op latere leeftijd. Maar jongeren met psychische klachten komen zeer moeilijk in beeld.

In dit project nam de GGDGemeentelijke gezondheidsdienst /JGZJeugdgezondheidszorg klassikaal een digitale vragenlijst af, gericht op screenen van depressieve klachten.  De dag na afname was de uitslag bekend om leerlingen die aangaven een eind aan hun leven te willen maken er snel uit te kunnen halen. Leerlingen zijn verwezen naar (psychiatrische) hulpverlening of kregen gesprekken met de jeugdverpleegkundige.  Op sommige scholen werd een interventie aangeboden (In dit project was dit: Een sprong vooruit) gericht op zelfvertrouwen, emotionele weerbaarheid en groter probleem oplossend vermogen. Dit was voor leerlingen die hieraan deel wilden nemen. Wanneer een school geen financiële middelen had voor deze interventie werd psychoeducatie aangeboden met behulp van de folder Tips voor dips.

Jongens met rugzak

Interview project 'Vroegsignalering depressieve klachten 12-14 jarigen'

Lees het interview met Marie Louise Lamers naar aanleiding van het uitdagende pilotproject 'Vroegsignalering van depressieve klachten bij 12-14 jarigen'. 

Doelgroep

  • 12 tot 14 jarigen (Jaarlijks lijden ca. 37.000 (4%) jongeren (13-17 jaar) aan een depressieve stoornis). (Bron: Meijer et al. 2006) 

"Het gaat iets beter met me. Ik voel me nu gelukkiger. Het heeft mij geholpen om over mijn problemen te praten. Het was fijn te horen dat anderen dezelfde gevoelens en gedachtes hebben. - Ilse"

Voor wie is dit project interessant?

  • U bent leerkracht of mentor van 12 tot 14-jarigen, en vermoed dat deze aanpak goed kan werken om meer leerlingen gelukkiger te laten opgroeien.
  • U bent betrokken bij het schoolgezondheidsbeleid en/of zorgcoördinator en ziet de meerwaarde van het zowel individueel als collectief kijken naar de gezondheid van leerlingen, specifiek rond dit thema.

Materialen om te gebruiken

Vanuit dit project zijn geen materialen beschikbaar voor u als mentor. Als uw school meedoet en geen interventie wil of kan aanbieden als vervolgaanbod op de screening, dan kunt u eventueel de folder Tip voor dips uitdelen die gebruikt werd in dit project.

Ervaringen en reacties van leerlingen

  • Leerlingen willen privacy bij het invullen van de lijst. Een meisje draaide bijvoorbeeld haar computerscherm zodat haar buurvrouw niet mee kon kijken. Dit meisje scoorde hoog.
  • In het algemeen waren reacties positief, maar er waren ook onverwachte reacties: Een jongen schreeuwde door de klas: “Wie maakt er nu een einde aan zijn leven?”
    • Drie leerlingen in één klas vulden als grap in dat ze het leven niet meer zagen zitten. De jeugdverpleegkundige heeft dit na afloop met hun besproken, en ook met hun ouders.
  • Eén meisje gaf aan het vervelend te vinden om uit de klas gehaald te worden voor een gesprek met de jeugdverpleegkundige. De overige jongeren hadden hier geen moeite mee.

Reacties op de interventie “Een sprong vooruit”:

  • VMBOVoorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (vmbo) -T leerlingen vonden het erg talig; teveel lezen en te weinig doen. Daarom gebruikte men energizers en meer afwisselende werkvormen. Deze zijn unaniem positief beoordeeld op alle niveaus.
  • Na afloop van de interventie. Wat hielp?
    • Omzetten van niet-helpende gedachten naar helpende gedachten. De uitleg over gedachtenvalkuilen en de hulpzinnen hielpen hierbij.
    • Grote dingen waar ze tegenop zien opdelen in kleine stapjes en ze dan toch te doen.
    • Een enkele leerling geeft aan baat te hebben bij andere vaardigheden, zoals leuke dingen doen als je slecht in je vel zit en praten met mensen die dichtbij je staan.

De interventie kreeg een 7,5 tot 8 en meer bijeenkomsten waren gewenst. Bijna alle jongeren bevelen de interventie aan bij andere jongeren, vooral als ze somber zijn. Ze gaven bijna allemaal aan dat er thuis niet veel gesproken is over de cursus.

Hoe zijn ouders betrokken?

  • Bij de uitnodiging voor het gezondheidsonderzoek kregen ouders een aparte brief om hen in te lichten over het project STORM.
  • De jeugdverpleegkundige of schoolmaatschappelijk werkster besprak met de jongeren hoe hun ouders zouden worden ingelicht, meestal telefonisch. Een paar keer kwam de jeugdverpleegkundige op huisbezoek.
  • Bij de deelnemers van de interventie:
    • De cursusleider van de interventie heeft met alle ouders van de jongeren die ervoor in aanmerking kwamen telefonisch contact gehad.
    • Voor en na afloop van een interventie was een bijeenkomst met jongeren en hun ouders.
    • Met enkele ouders is na afloop van de interventie een gesprek geweest.

Ervaringen van ouders:

Alle ouders, waar tijdens het hele project contact mee is geweest, waren positief. Ze waren blij met de aandacht voor dit onderwerp. Er is geen enkele klacht ingediend. Ouders waren vóór de training soms sceptisch, na de training was dit over.

"Ik zie vooruitgang bij Anne. Ze maakt via de groepsapp nu zelf afspraken met de kinderen van haar scoutinggroep, zit in de pauze bijna niet meer alleen en ik heb het idee dat Anne vrijwel niet mee geplaagd wordt. - Ouder"

Zowel individueel als collectief kijken naar gezondheid: goed schoolbeleid

Deze aanpak kan aansluiten op het JGZJeugdgezondheidszorg contactmoment in klas 2 en klas 4 of los daarvan worden uitgevoerd. Afhankelijk van de werkwijze van de JGZ in uw regio en uw belangstelling leveren deze contactmomenten een zogenoemd screeningsprofiel voor uw school op. U krijgt dan in beeld welke gezondheidsthema’s aandacht nodig hebben, naast het voorkomen van depressieve gevoelens, en u kunt deze thema’s dan opnemen in de Gezonde School-aanpak.

Leerervaringen en tips

  • Spreek over veerkracht, vermijd depressie. Termen als ‘veerkracht’ en ‘zelfvertrouwen’, spreken jongeren meer aan dan wanneer het over ‘depressie’ gaat.
  • Zorg voor privacy als leerlingen de vragenlijst invullen, en het is prettig als de mentor hierbij aanwezig is.
  • Neem de vragenlijst ruim voor een vakantie af. Om voldoende ruimte te hebben voor het natraject.
  • De uitslag is na 1 dag bekend. Leerlingen die aangeven een eind aan hun leven te willen maken, krijgen dan snel een gesprek met een professionalIn dit project hadden 6 van de 12 leerlingen de vraag serieus en correct beantwoord. Een snelle reactie is dan nodig!Start snel na de afname van de vragenlijst met collectief aanbod voor leerlingen die hieraan mee willen doen.
  • De taakverdeling en afspraken over rollen variëren. Maar het moet wel vooráf helder zijn! Dat was een sterke leerervaring uit dit project.
  • Belangrijk is dat 1 overall projectleider wordt aangesteld. Deze moet verbindend zijn, werken aan vertrouwen tussen partijen en daadkrachtig in het oplossen van knelpunten.

Dit project ook op uw school?

  • Voorbereiding:
    • Stem af met de JGZ in uw eigen regio. U kunt de vragenlijst CDI-II benutten, welke screent op depressieve klachten en werd gebruikt in dit project. Mogelijk is deze –gratis- te verkrijgen via de GGZGeestelijke gezondheidszorg organisatie in uw regio. Het zou ook kunnen dat de JGZ/GGDGemeentelijke gezondheidsdienst in uw eigen regio een andere lijst gebruikt, die net zo geschikt kan zijn.
    • Het digitaal afnemen van de vragenlijst heeft voordelen. In dit project lukte het om binnen 6 weken de vragenlijst te digitaliseren, een risicoprofiel te maken, en dit automatisch aan overige informatie over een leerling te koppelen.
    • Plan het hele traject zorgvuldig, samen met de JGZ en de Gezonde School-adviseur, die ook andere relevante partijen erbij moeten betrekken.
    • Regel vooraf welke professional de gesprekken met de jongeren voert die depressieve klachten rapporteren.
    • Regel vooraf goede doorverwijzing naar gespecialiseerde GGZ zorg.
    • Regel vooraf welke collectief aanbod wordt aangeboden aan jongeren die hiervoor in aanmerking komen op basis van de vragenlijst en het gesprek erna. Verschillende interventies zijn mogelijk. In dit project maakten ze gebruik van “Een sprong vooruit” (gericht op zelfvertrouwen en emotionele veerkracht, en vergroten probleemoplossend vermogen). Een alternatief is bijvoorbeeld “op volle kracht”. Vraag advies van uw Gezonde School adviseur en/of JGZ contactpersoon, zij kunnen u hierbij helpen.
    • Zelf nog beter orienteren? Neem een kijkje in onze zoektool interventies rond het thema veerkracht en zelfvertrouwen.
    • Stel een overall projectleider aan, maak rollen van partijen helder, en maak vooraf een flowchart.
  • Uitvoering:
    • Samen met de JGZ neemt u de vragenlijst af. Let hier dus op de privacy die leerlingen graag willenUitvoeren vervolg-aanbod zoals u heeft afgesproken in de voorbereidingsfase.

Betrokken partijen

Er waren veel partijen betrokken. Dit hoeft niet in elke regio het geval te zijn.

  • GGD/JGZ (in dit projectGGD Hart voor Brabant)
  • GgzGeestelijke gezondheidszorg Oost Brabant
  • Aanbieder collectief aanbod (afhankelijk van uw keuze, dit kan ook de GGD/JGZ en/of GGZ zelf zijn)
  • Indigo Brabant (basis GGZ/preventief aanbod)
  • Gemeente Oss
  • Aanzet Jeugdmaatschappelijk werk
  • Academische werkplaats

School die meedeed en contactpersoon

Het Hooghuis/ Samenwerkingsverband VOvoortgezet onderwijs 30 06
contactpersoon: Leonie Tomesen (psycholoog Team Onderzoek & Expertise), via: l.tomesen@hethooghuis.nl.

Meer informatie

Farina Oprins, arts Maatschappij & Gezondheid bij de GGD Hart voor Brabant/tactisch adviseur Jeugd, via f.oprins@ggdhvb.nl.