Wat kan de school doen?

Hygiëne betreft handen, lucht en materialen. Scholen kunnen de volgende dingen doen:

  • Zorg voor goede handhygiëne bij medewerkers en leerlingen:
    • Was de handen met water en zeep.
    • Als handen zichtbaar vuil zijn.
    • Na een toiletbezoek.
    • Voor en na het eten.
    • Na gymlessen.
    • Na schoonmaakwerkzaamheden. 
    • Na contact met dieren of mest.
    • Na hoesten, niezen of het snuiten van de neus.
  • Gebruik voorbeeldpictogrammen voor handen wassen en hoest- en niesdiscipline.
  • Ventileren: doordat in slecht geventileerde ruimten de lucht veel ziekteverwekkers bevat, bestaat een verhoogde kans op infectieziekten. Ventileer ruimtes 24 uur per dag, lucht ze minimaal eenmaal per dag. Neem dit op in het schoonmaakrooster (wanneer, hoe en wie het doet).
  • Schoonmaken: besteed extra aandacht aan het reinigen van handcontactpunten zoals kranen, lichtknopjes, deurkrukken en doorspoelknoppen. Overdracht van ziekteverwekkers gaat gemakkelijk via deze oppervlakken.
    • Zorg naast een schoon toilet ook voor een schone spoelknop, kraan, handdoekhouder, lichtschakelaar en de deurklink.
    • Plaats het fonteintje in de toiletruimte, met de juiste voorzieningen zoals vloeibare zeep en papieren handdoekjes.

Sociale omgeving en ouderbetrokkenheid

Ouders spelen een belangrijke rol en het is belangrijk dat op school geleerd gedrag ook thuis ondersteuning krijgt.

  • Informeer ouders over handhygiëne en uw hoest- en niesdiscipline. Zo kunnen zij dit ook met de leerlingen thuis oefenen.
  • Waar mogelijk nodig ouders uit om mee te doen met relevante (les) programma’s.
  • Stel ouders op de hoogte door ook in uw nieuwsbrieven aandacht te besteden aan hygiëne en geef informatie mee over hygiëne-afspraken die op school gelden.